Geplaatst op Geef een reactie

Vijf tips voor gezond werken en vergaderen

1. Slim afwisselen

Voor veel mensen is werken tegenwoordig hoofdzakelijk ‘denkwerk’. Kijk of je in je werkdag één of meer blokken kunt creëren met afwisseling. Schakel bijvoorbeeld van analyseren even over naar creatief zijn, door met een vel papier en gekleurde stiften aan de slag te gaan. Wissel beeldschermwerk af met gesprekken of iets praktisch.

2. Voorbereiden vergaderpunten

Ook binnen een vergadering kun je meer afwisseling aanbrengen, zodat iedereen productief en energiek blijft. Vooraf iemand laten nadenken over een werkvorm bij een bepaald onderwerp, doet wonderen.

3. Eet op tijd

Je hersenen hebben brandstof nodig om te functioneren. Eet dus op tijd, zodat je niet moe en geirriteerd raakt. Het beste is het om iets te eten waar je een rustige en stabiele brandstoftoevoer van krijgt. Denk hierbij aan relatief ‘pure’ producten. Eet veel groente en fruit, maar als je honger hebt moet daar iets bij omdat je anders te weinig brandstof binnenkrijgt. Bijvoorbeeld noten, een gekookt ei of volkorenbrood. Vermijd snelle suikers, wit meel en een overmaat aan koffie waar dat kan.

4. Waar ga je voor?

Bij elke klus of vergadering is de eerste stap om te bedenken welk doel je nastreeft. Wanneer is het goed genoeg? Wat kun je het beste doen om daar te komen? Soms kom je er ook achter dat je beter iets anders kunt gaan doen.

5. Sta op en loop

We zitten teveel en dat is slecht voor onze gezondheid en onze energie. Werken en overleggen kan soms best staand of rustig lopend. Een goede gewoonte kan bijvoorbeeld zijn om altijd als de telefoon gaat, even op te staan voor het gesprek.

Geplaatst op Geef een reactie

Stress test

Stress hebben betekent dat er druk op je staat. Dat kan positief zijn als je er beter van gaat presteren, of nieuwe kanten aan jezelf ontdekt. Als je nooit wordt uitgedaagd, raak je het plezier in dingen kwijt. Aan de andere kant: teveel stress, niet goed omgaan met stress of te lang onder druk staan, kan er toe leiden dat je overbelast raakt en/of lichamelijke klachten krijgt. De volgende vragen kunnen je een indruk geven of een patiënt aan de ‘goede kant’ of aan de ‘verkeerde kant’ van de grens zit.

Een opmerking daarbij: mochten er op dit moment belastende of grote gebeurtenissen in iemands leven zijn (b.v. verhuizing, relatieverandering, verandering van werk, verlies van een dierbare, geldproblemen, zorgen over kinderen), dan geeft dat een grotere kans op overbelasting. Het vraagt van een persoon dat hij nóg beter ‘scoort’ op onderstaande punten.

Omgaan met onrust

  • Kun je er meestal goed tegen als mensen kritiek op je hebben?
  • Kun je jezelf vergeven als je een fout maakt of iets niet perfect doet?
  • Kun je ertegen als mensen je niet (altijd) aardig vinden?
  • ‘Moet’ je niet teveel van jezelf?
  • Kun je ertegen als dingen anders gaan dan je wilde?
  • Kun je goed beslissingen nemen?
  • Voel je je niet voor (te)veel dingen verantwoordelijk?
  • Heb je vertrouwen in jezelf?

Tijd en energie managen

  • Lukt het je om je bezigheden goed te plannen?
  • Blijft je werktijd voor jou binnen acceptabele grenzen?
  • Lukt het je om verschillende zaken goed te combineren (b.v. werk en gezin)?
  • Heb je voldoende tijd voor de taken op je lijstje?
  • Doe je meestal één ding tegelijk?
  • Bouw je ontspanningsmomenten in in je dag/week?
  • Heb je vaak een positieve kijk op dingen?
  • Voel je je regelmatig creatief?
  • Kom je toe aan je hobby’s of andere dingen die je graag doet in je vrijetijd?
  • Heb je aan het eind van je (werk)dag nog een beetje energie over?

Lichaam en behoeftes kennen

  • Regel je voor jezelf de dingen die je nodig hebt?
  • Lukt het om gezonde leefgewoontes vol te houden? (b.v. gezonde voeding, bewegen, voldoende slaap, niet roken, matig alcoholgebruik)
  • Kun je je goed ontspannen?
  • Slaap je goed?
  • Word je meestal uitgerust wakker?
  • Heb je regelmatig vage klachten zoals hoofdpijn, duizeligheid of spierpijn?

Zelfontwikkeling en communicatie

  • Heb je regelmatig zin in je bezigheden?
  • Voel je regelmatig plezier in wat je doet?
  • Vraag je hulp als je die nodig hebt?
  • Kun je nee zeggen als je iets niet wilt?
  • Kun je goed omgaan met conflicten?
  • Heb je mensen in je omgeving waar je op terug kunt vallen als dat nodig is?

Heb je het idee dat iemand op één van deze terreinen niet goed in balans is, dan is het belangrijk om daar iets aan te doen, zodat hij niet opbrandt of het plezier in zijn leven verliest.