Geplaatst op Geef een reactie

Genieten van de feestdagen zonder aan te komen

Iedereen wil graag genieten van gezellige feestdagen met lekker eten. Maar het is natuurlijk prettig om het nieuwe jaar te beginnen zonder extra kilo’s. Daarom volgt hier een aantal tips die de mogelijkheid geven om volop te genieten van feesten als kerst en oud en nieuw – zonder al teveel aan te komen.

1. Eet gewoon drie maaltijden per dag; liefst op normale tijden. Die zijn bedoeld om de trek of honger te stillen en het lichaam voedingstoffen te geven. Bovendien is een lekkere maaltijd natuurlijk erg de moeite waard. Kerstkransjes, snoep en koekjes helpen niet tegen de honger; op die manier blijf je eten.

2. Geniet echt van de lekkere dingen die je tussendoor wilt eten. Dat betekent:
– Het lekkers alleen tevoorschijn halen op het moment dat je ervan wilt eten, in plaats van de hele dag ongemerkt uit allerlei bakjes en zakjes te eten die je tegenkomt.
– Een paar dingen in huis halen die echt lekker zijn, in plaats van van alles en nog wat.
– Er rustig voor gaan zitten als je iets lekkers wilt eten. Neem de tijd om samen of in je eentje te genieten.
– Per hapje eten in plaats van per portie. Proef uitgebreid en zorg dat je stopt met eten als het minder lekker wordt. Waarom zou je dan dooreten?

3. Als er eten of drinken is dat niemand op dat moment nog hoeft, gooi het dan weg. Dat is natuurlijk zonde. Maar wat doe je liever, eten weggooien in de vuilnisbak of eten weggooien in je eigen lichaam (en daar nog van aankomen ook)? Eet alleen dingen die je op dat moment het lekkerste vindt van de hele wereld – de rest is niet goed genoeg en kun je wegdoen. Of sowieso niet in huis halen natuurlijk.

4. Dit alles geldt ook voor lekkere dranken. Geniet van je glas wijn, slobber er niet ongemerkt drie achter elkaar weg.

5. Zorg voor een fit gevoel. Slaap ongeveer acht uur per nacht en loop bijvoorbeeld af en toe een rondje buiten. Het hoeft geen grote sportieve prestatie te zijn; vijf minuten een frisse neus halen is ook al wat waard.

6. Vertel jezelf niet de hele tijd dat je van alles ‘niet mag’ vanwege je lijn. Waarschijnlijk neem je het eten later toch en dan voel je je zo schuldig dat je het wegpropt, niet eens echt proeft en daardoor alleen maar meer eet. Volg liever tip 2.

7. Eet alleen als je je prettig voelt. Voel je je moe, ongemakkelijk, geïrriteerd of teleurgesteld, vraag je dan eerst af hoe dat komt en bedenk daarna nog eens of je echt wel iets wilt eten.

Een hele gezellige kerst en een feestelijke jaarwisseling gewenst!

Let op: Dit artikel mag binnen jullie organisatie worden gebruikt/verspreid, mits Visiom als bron wordt vermeld. Ook de foto kan kosteloos gedownload worden.
Wist je dat Visiom een abonnementsservice heeft, waarbij je elke maand een pakketje met content over leefstijl/vitaliteit ontvangt, over een thema naar keuze?

Geplaatst op Geef een reactie

Hormonen: de verkeersregelaars van je lichaam

Hormonen regelen alles in je lichaam. Ze kunnen bij alles wat er moet gebeuren ‘gas geven’ en ‘remmen’. En daarmee kunnen ze je lichaam ook instructie geven om zoveel mogelijk energie te verbranden of juist zo min mogelijk.

Wanneer je te weinig ontspant (of erger nog: chronische stress hebt), dan neemt  je hormoonsysteem maatregelen om jou te laten ‘overleven’: het gaat energie sparen, laat je zo min mogelijk bewegen en stimuleert je om snelle energie te eten of drinken. Intussen ga je ook zoveel mogelijk dingen op de automatische piloot doen, want dat spaart nog wat extra energie. Alle energie die je overhoudt wordt zoveel mogelijk opgeslagen in vet. Ook als je hetzelfde blijft eten sla je dus meer vet op!

Geplaatst op Geef een reactie

Vijf tips voor gezond werken en vergaderen

1. Slim afwisselen

Voor veel mensen is werken tegenwoordig hoofdzakelijk ‘denkwerk’. Kijk of je in je werkdag één of meer blokken kunt creëren met afwisseling. Schakel bijvoorbeeld van analyseren even over naar creatief zijn, door met een vel papier en gekleurde stiften aan de slag te gaan. Wissel beeldschermwerk af met gesprekken of iets praktisch.

2. Voorbereiden vergaderpunten

Ook binnen een vergadering kun je meer afwisseling aanbrengen, zodat iedereen productief en energiek blijft. Vooraf iemand laten nadenken over een werkvorm bij een bepaald onderwerp, doet wonderen.

3. Eet op tijd

Je hersenen hebben brandstof nodig om te functioneren. Eet dus op tijd, zodat je niet moe en geirriteerd raakt. Het beste is het om iets te eten waar je een rustige en stabiele brandstoftoevoer van krijgt. Denk hierbij aan relatief ‘pure’ producten. Eet veel groente en fruit, maar als je honger hebt moet daar iets bij omdat je anders te weinig brandstof binnenkrijgt. Bijvoorbeeld noten, een gekookt ei of volkorenbrood. Vermijd snelle suikers, wit meel en een overmaat aan koffie waar dat kan.

4. Waar ga je voor?

Bij elke klus of vergadering is de eerste stap om te bedenken welk doel je nastreeft. Wanneer is het goed genoeg? Wat kun je het beste doen om daar te komen? Soms kom je er ook achter dat je beter iets anders kunt gaan doen.

5. Sta op en loop

We zitten teveel en dat is slecht voor onze gezondheid en onze energie. Werken en overleggen kan soms best staand of rustig lopend. Een goede gewoonte kan bijvoorbeeld zijn om altijd als de telefoon gaat, even op te staan voor het gesprek.

Geplaatst op Geef een reactie

Stress test

Stress hebben betekent dat er druk op je staat. Dat kan positief zijn als je er beter van gaat presteren, of nieuwe kanten aan jezelf ontdekt. Als je nooit wordt uitgedaagd, raak je het plezier in dingen kwijt. Aan de andere kant: teveel stress, niet goed omgaan met stress of te lang onder druk staan, kan er toe leiden dat je overbelast raakt en/of lichamelijke klachten krijgt. De volgende vragen kunnen je een indruk geven of een patiënt aan de ‘goede kant’ of aan de ‘verkeerde kant’ van de grens zit.

Een opmerking daarbij: mochten er op dit moment belastende of grote gebeurtenissen in iemands leven zijn (b.v. verhuizing, relatieverandering, verandering van werk, verlies van een dierbare, geldproblemen, zorgen over kinderen), dan geeft dat een grotere kans op overbelasting. Het vraagt van een persoon dat hij nóg beter ‘scoort’ op onderstaande punten.

Omgaan met onrust

  • Kun je er meestal goed tegen als mensen kritiek op je hebben?
  • Kun je jezelf vergeven als je een fout maakt of iets niet perfect doet?
  • Kun je ertegen als mensen je niet (altijd) aardig vinden?
  • ‘Moet’ je niet teveel van jezelf?
  • Kun je ertegen als dingen anders gaan dan je wilde?
  • Kun je goed beslissingen nemen?
  • Voel je je niet voor (te)veel dingen verantwoordelijk?
  • Heb je vertrouwen in jezelf?

Tijd en energie managen

  • Lukt het je om je bezigheden goed te plannen?
  • Blijft je werktijd voor jou binnen acceptabele grenzen?
  • Lukt het je om verschillende zaken goed te combineren (b.v. werk en gezin)?
  • Heb je voldoende tijd voor de taken op je lijstje?
  • Doe je meestal één ding tegelijk?
  • Bouw je ontspanningsmomenten in in je dag/week?
  • Heb je vaak een positieve kijk op dingen?
  • Voel je je regelmatig creatief?
  • Kom je toe aan je hobby’s of andere dingen die je graag doet in je vrijetijd?
  • Heb je aan het eind van je (werk)dag nog een beetje energie over?

Lichaam en behoeftes kennen

  • Regel je voor jezelf de dingen die je nodig hebt?
  • Lukt het om gezonde leefgewoontes vol te houden? (b.v. gezonde voeding, bewegen, voldoende slaap, niet roken, matig alcoholgebruik)
  • Kun je je goed ontspannen?
  • Slaap je goed?
  • Word je meestal uitgerust wakker?
  • Heb je regelmatig vage klachten zoals hoofdpijn, duizeligheid of spierpijn?

Zelfontwikkeling en communicatie

  • Heb je regelmatig zin in je bezigheden?
  • Voel je regelmatig plezier in wat je doet?
  • Vraag je hulp als je die nodig hebt?
  • Kun je nee zeggen als je iets niet wilt?
  • Kun je goed omgaan met conflicten?
  • Heb je mensen in je omgeving waar je op terug kunt vallen als dat nodig is?

Heb je het idee dat iemand op één van deze terreinen niet goed in balans is, dan is het belangrijk om daar iets aan te doen, zodat hij niet opbrandt of het plezier in zijn leven verliest.

Geplaatst op Geef een reactie

Hoe stop je die ongezonde gewoontes bij onrust en stress?

Iedereen heeft wel eens onrust: het gevoel dat iets aan jou of je leven even niet zoals je wilt. Dat is geen prettig gevoel. Het is oncomfortabel en ongemakkelijk. Daarom zul je vaak de neiging hebben om de onrust weg te drukken. Je gaat manieren zoeken om jezelf af te leiden, jezelf bij je gevoel weg te krijgen. Veel voorkomende ‘vluchtwegen’ zijn bijvoorbeeld tv kijken, eten, werken, alcohol drinken en analyseren. Maar feitelijk kun je elke handeling gebruiken om jezelf af te leiden.

Als je dit vaak gaat doen, of misschien wel altijd als je onrust voelt, kun je van twee dingen last krijgen:

  1. Je voelt je afhankelijk van die vluchtweg. Dat merk je aan gedachten als ‘Het eten is sterker dan ik’ of ‘Ik kan het niet helpen, ik zit wéér achter mijn beeldscherm’.
  2. Je doet niets aan de oorzaak van je onrust. Hij komt dus steeds weer terug.

Beide dingen kunnen je het gevoel geven dat je niet meer de leiding hebt over je eigen leven. Dat vinden de meeste mensen niet leuk. Een nieuwe bron van onrust dus!

Wat nu? Je kunt jezelf gaan trainen in een nieuwe vaardigheid: je onrust toelaten. Je zou dit een levensvaardigheid (life skill) kunnen noemen. Als je je op dit gebied ontwikkelt, heb je er de rest van je leven plezier van. Want je onrust toelaten, betekent dat je jezelf beter leert kennen, sterker wordt en beter met problemen en uitdagingen om kunt gaan.

Gezien de impact van deze stap, hoef je onrust toelaten niet ‘even’ te doen en meteen te kunnen. De meeste mensen hebben tijd nodig om te trainen. Ter vergelijking: de Visiom-leefstijlcoaches zijn er vaak zo’n drie maanden mee bezig met deelnemers. Ze vinden het vaak spannend omdat het nieuw is en ze niet goed weten wat ze moeten verwachten als ze de onrust ‘gewoon’ toelaten.

Wat je in de praktijk kan doen om mensen hier een stukje mee op weg te helpen is ze een paar stappen meegeven:

  1. Wen aan het idee dat onrust niet bedreigend is. Het voelt misschien ongemakkelijk, maar het is gewoon een signaal dat er iets aan de hand is.
  2. Kom je onrust op het spoor door je eigen ‘vluchtwegen’ te inventariseren. Dan weet je: als ik eet/werk/rook/etc. zonder dat ik er echt met mijn volledige aandacht bij ben, ben ik mezelf waarschijnlijk aan het verdoven. Onrust?
  3. Begin eens met tien seconden wachten voor je je favoriete ‘vluchtweg’ neemt. Of dertig seconden. Gewoon nieuwsgierig kijken wat er dan gebeurt. En merken dat je het overleeft. Misschien kan je dat de volgende keer ook wel langer.
  4. Vergeef jezelf dat je onrust hebt. En dat je niet weet wat je met je onrust aanmoet. En dat je toch weer je vluchtweg in gedoken bent. En ga dan terug naar stap 3.

 

Geplaatst op Geef een reactie

Concrete tips voor meer energie

Energie is letterlijk de brandstof die beschikbaar is in het lichaam. Maar het draait niet alleen om hoeveel energie iemand in theorie bij zich draagt. Het gaat erom of hij die energie ook voelt, of de energie beschikbaar is als iemand iets wilt doen.

Hieronder een zestal tips die patiënten kunnen helpen om zich vaker en langer energiek voelen.

Tip 1. Om energie vrij te maken, heeft je lichaam allerlei stofjes nodig. Die krijg je binnen via je voeding. Hoe beter je eten is samengesteld, des te beter kan je lichaam energie verbranden. Daardoor val je niet alleen beter af, je voelt je ook anders. Kijk bijvoorbeeld of je een paar keer per dag groente kunt eten.

Tip 2. Je begint de dag met een bepaalde hoeveelheid energie. Maak je die voor het eind van de dag helemaal op zonder bij te tanken, dan is er ´s nachts geen energie om het herstelproces te starten. Als je naar bed gaat mag je wel moe zijn, maar niet gesloopt.

Tip 3. Energie bijtanken gedurende de dag kun je doen door even iets anders te gaan doen. Wissel denken en doen af, of bijvoorbeeld binnen en buiten zijn, creatief bezig zijn en rationeel denken of praten en zelfstandig werken.

Tip 4. Van alles tegelijk doen of door elkaar, lijkt misschien efficiënt. Maar dat is het niet. Focus op dat waar je mee bezig bent en blijf minimaal een kwartier bij dezelfde (soort) activiteit. Dan presteer je beter en heb je meer plezier en voldoening.

Tip 5. Plan ‘omgekeerd’: kijk eerst wat je op een dag nodig hebt om goed te kunnen functioneren (voeding, frisse lucht, afwisseling, rust, contact…?) en bereid dat voor. Dan zul je de rest van de tijd heel effectief bezig zijn met je taken en verantwoordelijkheden.

Tip 6. Maak onderscheid tussen dingen die urgent zijn en dingen die belangrijk zijn. Besteed je tijd aan belangrijke dingen: de dingen die voor jou het leven de moeite waard maken. Dingen die ‘nu’ lijken te moeten, blijken soms helemaal niet belangrijk te zijn. Die kosten energie, maar leveren niets op.

 

Geplaatst op Geef een reactie

Onrust

Wat is onrust en hoe ga je er mee om?

Iedereen heeft wel eens onrust: het gevoel dat iets aan jou of je leven even niet gaat zoals je wilt. Dat is geen prettig gevoel. Het is oncomfortabel en ongemakkelijk. Daarom zul je vaak de neiging hebben om de onrust weg te drukken. Je gaat manieren zoeken om jezelf af te leiden, jezelf bij je gevoel weg te krijgen. Veel voorkomende ‘vluchtwegen’ zijn bijvoorbeeld tv kijken, eten, werken, alcohol drinken en analyseren. Maar feitelijk kun je elke handeling gebruiken om jezelf af te leiden.

  1. Je voelt je afhankelijk van die vluchtweg. Dat merk je aan gedachten als ‘Het eten is sterker dan ik’ of ‘Ik kan het niet helpen, ik zit wéér achter mijn beeldscherm’.
  2. Je doet niets aan de oorzaak van je onrust. Hij komt dus steeds weer terug.

Beide dingen kunnen je het gevoel geven dat je niet meer de leiding hebt over je eigen leven. Dat vinden de meeste mensen niet leuk. Een nieuwe bron van onrust dus!

Wat nu? Je kunt jezelf gaan trainen in een nieuwe vaardigheid: je onrust toelaten. Je zou dit een levensvaardigheid (life skill) kunnen noemen. Als je je op dit gebied ontwikkelt, heb je er de rest van je leven plezier van. Want je onrust toelaten, betekent dat je jezelf beter leert kennen, sterker wordt en beter met problemen en uitdagingen om kunt gaan.

Gezien de impact van deze stap, hoef je onrust toelaten niet ‘even’ te doen en meteen te kunnen. De meeste mensen hebben tijd nodig om te trainen.

Misschien dus fijn om een paar stappen mee te krijgen:

  1. Wen aan het idee dat onrust niet bedreigend is. Het voelt misschien ongemakkelijk, maar het is gewoon een signaal dat er iets aan de hand is.
  2. Kom je onrust op het spoor door je eigen ‘vluchtwegen’ te inventariseren. Dan weet je: als ik eet/werk/rook/etc. zonder dat ik er echt met mijn volledige aandacht bij ben, ben ik mezelf waarschijnlijk aan het verdoven. Onrust?
  3. Begin eens met tien seconden wachten voor je je favoriete vluchtweg neemt. Of dertig seconden. Gewoon nieuwsgierig kijken wat er dan gebeurt. En merken dat je het overleeft. Misschien kan je dan ook wel langer.
  4. Vergeef jezelf dat je onrust hebt. En dat je niet weet wat je met je onrust aanmoet. En dat je toch weer je vluchtweg in gedoken bent. En ga dan terug naar stap 3.