Geplaatst op Geef een reactie

Een vitaliteitscontract, dat kan echt niet (??)

Binnen de Federatie voor Gezondheid wordt al heel lang gepuzzeld op het concept ‘vitaliteitscontract’. Het idee daarvan is dat er een ‘deal’ ontstaat waar drie groepen voor willen tekenen: 1. mensen oftewel consumenten/burgers/patiënten, 2. dienstverleners op het gebied van vitaliteit en gezondheid én 3. partijen die belang hebben bij vitale mensen (zoals een werkgever, een gemeente en/of een zorgverzekeraar). In die deal worden rechten en plichten beschreven die ervoor zorgen dat deelnemende mensen vitaal kunnen worden en blijven.

Bij mijn weten bestaat dit nog nergens echt. Wel ‘halve’ initiatieven, bijvoorbeeld een platform waar gezondheidsaanbod als abonnement wordt aangeboden of werkgevers die vitaliteitsinterventies (laten) aanbieden. Maar dat aanbod wordt dan niet omarmd door de mensen voor wie het bedoeld is. De echte voorbeelden gaan er heus komen, alleen zijn de wielen nog wat vierkant en proberen we ze steeds verder rond te schaven.

Wat ik interessant vind, is dat er vaak meteen discussie ontstaat over het woord ‘vitaliteitscontract’. Aan dat woord ben ik niet gehecht, maar de reden dat het discussie oproept vraagt onze aandacht: mensen en organisaties willen het woord niet gebruiken, want ‘contract’ wekt de indruk dat mensen zich ergens op vastleggen en dat zou teveel afschrikken.

Laat het nu net de bedoeling zijn dat mensen zich willen vastleggen. Het idee is dat je een contract aanbiedt dat alle partijen dolgraag willen tekenen. Omdat er alleen maar iets te winnen valt en niets te verliezen. Bij een arbeidscontract doe je dat ook: de werkgever wil arbeidskracht en de werknemer wil werkvreugde en inkomsten. Dus teken je een contract.

Zoiets kan ook op het gebied van vitaliteit als we leren wat mensen zoeken en wat ze willen investeren. En als de investeerders en interventieaanbieders zich daadwerkelijk committeren op resultaten, kwaliteit en duurzame samenwerkingen aangaan. Als het contract gaat over de juiste zaken en op de juiste manier is ingericht, waarom zou je dan niet tekenen? Sterker nog: je zou gek zijn als je niet tekent. Dat is de bedoeling. We puzzelen er mooi aan verder.

Geplaatst op Geef een reactie

Aan de slag met leefstijlcoaching

Ik krijg (heel) vaak vragen van mensen die iets met leefstijlcoaching willen gaan doen, of meer met leefstijlcoaching willen gaan doen. Geldt dat ook voor jou? Dan hoop ik je in dit artikel wat op weg te helpen.

Allereerst: wat is leefstijlcoaching?

Daar zijn veel invullingen voor. De mijne is: je ondersteunt mensen om in hun dagelijks leven betere keuzes te maken. Keuzes waarbij ze zich vandaag en in de toekomst goed voelen (in alle opzichten). Beide elementen zijn belangrijk voor de leefstijlcoach: het gaat om het dagelijks leven (dus niet om keuzes op keerpunten, bijvoorbeeld hoe ga ik verder met mijn partner of met mijn loopbaan). En het gaat om goede keuzes maken. Daarvoor doe je globaal gezien twee dingen als leefstijlcoach:

Je helpt iemand om scherp te krijgen wat er voor hem/haar nu echt belangrijk is. Wat maakt of breekt je dag? Wat zijn cruciale zaken als je gelukkig wilt zijn?

Je helpt om dagelijkse keuzes daarop af te stemmen en vervolgens om geduldig te gaan trainen tot er goede gewoontes ontstaan. Gewoontes waar de ander steeds op terug kan vallen en die uiteindelijk relatief weinig moeite kosten omdat het automatismen zijn geworden (maar wel heel veel opleveren).

Terreinen waar de leefstijlcoach zich met iemand op kan richten zijn bijvoorbeeld dagindeling, balans tussen inspanning en ontspanning of geest en lichaam, goede voeding, bewegen, stresshantering, gebruik van stimulerende en dempende middelen en slaap. Geen van die onderwerpen staat centraal in de coaching. Het doel van de klant staat centraal in de coaching. Een leefstijlcoach streeft ernaar dat de klant steeds meer vertrouwen krijgt dat hij (zelf) naar zijn doel toe kan werken, door de regie over zijn dag en zijn leven te nemen.

Iemand die beweegactiviteiten met mensen uitvoert en ook af en toe voedingsadvies geeft, is in mijn ogen geen leefstijlcoach. Iemand die medische problemen bespreekt met een patiënt en adviseert om gezonder te gaan eten of meer te bewegen, is geen leefstijlcoach. Daarmee wil ik niet zeggen dat deze mensen iets verkeerd doen. Ze hebben alleen een ander vak dan leefstijlcoach. En uiteraard zijn er mensen die elementen van leefstijlcoaching gebruiken in een ander beroep. Ook dat is prima. Het gaat mij hier alleen om het duiden van het vak van leefstijlcoach.

Hoe word je leefstijlcoach?

Eenvoudig gezegd: door heel goed te worden in coachen en zo deskundig mogelijk te worden in alle onderwerpen die vaak van belang zijn in het dagelijks leven van je klanten. Ik heb er hierboven een aantal genoemd. Afhankelijk van de groep(en) mensen waar je mee werkt, kunnen specifieke onderwerpen belangrijk zijn, bijvoorbeeld omgaan met geld, de overgang bij vrouwen, werken in ploegendiensten of blowen. Het kan daarom goed zijn om te focussen op bepaalde doelgroepen. Maar je begint met een basis: de dingen die ieder mens in goede banen moet leiden.

Je zou kunnen bediscussiëren of je als leefstijlcoach bij het zien van een eetdagboek moet kunnen inschatten of iemand alle benodigde voedingsstoffen binnenkrijgt. Of moet weten welke soorten beweging/sport geschikt zijn voor het behalen van de doelen van een cliënt. Ik denk zelf van wel. Als je geen wetenschappelijk onderbouwde vakkennis bent, ben je een generiek coach. Wie zijn leefgewoontes wil bijsturen, heeft baat bij een leefstijlcoach. Zoals iemand met loopbaanvraagstukken baat heeft bij een loopbaancoach, en iemand met relatieproblemen bij een relatiecoach.

Let ook nog even op die woorden ‘wetenschappelijk onderbouwd’. Als je alleen adviezen kunt herhalen die je ergens hebt gelezen of gehoord en die jou aanspraken (of die logisch klonken), heeft je input voor je cliënt dezelfde kwaliteit als die van een buurvrouw of collega. Je moet bij een artikel of statement kunnen doorgronden waar het op gebaseerd is en of dat wel klopt. Verder moet je altijd bereid zijn om huidige inzichten te laten weerleggen of aanscherpen. Dat is het hoofddoel van wetenschappelijk bezig zijn: meer willen weten en dus open luisteren en kijken.

Ben je al leefstijlcoach en wil je je aansluiten bij Visiom? Lees dan hier verder.

Certificering

Voor het register van leefstijlcoaches op hbo-niveau verwijs ik naar Beroepsvereniging Leefstijlcoaches Nederland (BLCN). Ik ben daar niet geheel objectief, want ik zat in het oprichtingsbestuur. De reden van de oprichting van de BLCN was echter, dat er geen beroepsprofiel bestond voor de leefstijlcoach en dat er geen criteria waren om vast te stellen wie er aan kwaliteitseisen voldeed. De BLCN heeft dat opgezet en daar kunnen goede leefstijlcoaches (met hbo-achtergrond) nu van profiteren.

Op de website van de BLCN kun je zien waar je aan moet voldoen om lid te kunnen worden. Grof gezegd heb je een hbo-diploma nodig en moet je vervolgens je deskundigheid op leefstijl én coaching aantonen. Hetzij door een geaccrediteerde opleiding tot leefstijlcoach af te ronden, hetzij door een individuele accreditatie te doorlopen. Wie al veel kennis in huis heeft maar op een bepaalde discipline aanvulling nodig heeft (coaching, voeding, bewegen/sport of slaap/ontspanning), kan bij Visiom gericht een leergang doen op het thema van zijn keuze in de voorbereiding op individuele accreditatie. Heb je vooral op één of twee gebieden kennis en mis je de rest, dan is een volledige opleiding leefstijlcoach waarschijnlijk de beste keuze.

In het register staan kan je een steviger gevoel geven, bijvoorbeeld als iemand zegt dat ‘de term leefstijlcoach door iedereen gebruikt kan worden’. Het helpt je om op niveau te blijven. En het zorgt ervoor dat je aan de eisen voldoet als een instantie (bijvoorbeeld een zorgverzekeraar, werkgever) erom vraagt.

Kun je ook iets anders worden?

Zeker! Ben je bevlogen over voeding, word dan voedings- en gewichtsconsulent. Die opleiding gaat verder in op voeding en je mag je daarna helemaal uitleven op eetdagboeken uitpluizen en voedingsplannen schrijven. Ben je bevlogen over sport en bewegen, word dan personal trainer of sportinstructeur. Dan kun je mensen dagelijks laten voelen hoe het bewegen ze goed doet. Ben je gegrepen door mindfulness, word mindfulnesstrainer. Dan kan je je deelnemers de technieken om aandacht te trainen, tot in de puntjes bijbrengen. Enzovoort.
Wat ik hiermee wil zeggen, is dat als je een missie hebt om iedereen te vertellen over je waardevolle inzichten over een bepaald onderwerp, doe dat dan. Je hoeft geen leefstijlcoach te worden om zinvol, bevlogen en succesvol bezig te zijn.

Tot slot

Wil je eigenlijk geen leefstijlcoach worden, maar gewoon je eigen balans vinden in het dagelijks leven? Maak een afspraak met een goede leefstijlcoach. Misschien denk je dat het een teken is dat je dingen niet onder controle hebt, maar het tegenovergestelde is waar: je hebt opgemerkt dat je je beter wilt voelen dan het nu is en gaat daar wat aan doen. Je pakt dus de controle terug. Ook goed om te beseffen: de meeste mensen zijn uit balans, omdat we teveel prikkels op ons af krijgen en daar niet op ingericht zijn. Veel mensen doen daar niets aan en worstelen zich door hun dag heen. Jij kiest er met het opzoeken van een leefstijlcoach voor om te zorgen dat je de dingen kunt doen die je wilt doen en dat je de persoon kunt zijn die je wilt zijn. Daarmee ben je een koploper en een voorbeeld.

Geplaatst op Geef een reactie

De overgang als nieuwe start

Ben jij al in de overgang? En, bevalt het? Wie aan de overgang denkt, associeert dit meestal direct met opvliegers, hormoonschommelingen, aankomen en slechter slapen. Niet met een nieuwe start, die je ook mooie dingen kan brengen. Daarover zo meer. Laten we eerst kijken naar de feiten.

De feiten

De menopauze is letterlijk het einde van je menstruatiecycli. Op welk moment hij zich aandient, kun je pas achteraf vaststellen – als je menstruatie een jaar is uitgebleven. De overgang is de periode rond de menopauze en kan 2 tot 12 jaar duren. Soms maak je een ‘piek’ aan klachten mee, die ongeveer 6 maanden duurt. In die periode komt er een einde aan de voorraad eicellen waarmee je als vrouw geboren bent. De hormoonhuishouding rondom de cyclus begint te haperen, de productie van oestrogeen neemt langzaam af en de vruchtbare periode stopt. Vrouwen zijn gemiddeld 51 jaar wanneer hun menopauze begint. Ze zijn dan 400 à 500 keer ongesteld geweest.

Iedereen is anders

De overgang geeft allerlei lichamelijke klachten, en verandert de stofwisseling en lichaamsbouw. Hoeveel last je daarvan hebt, is voor iedereen anders. Ook erfelijkheid speelt een rol; hoe je moeder door de overgang ging, voorspelt deels hoe jij de overgang gaat doormaken. Gelukkig kun je zelf veel doen om je klachten te verminderen en de lichamelijke gevolgen van de overgang te beperken. Door goede keuzes te maken op het gebied van voeding, door voldoende te bewegen en door genoeg te slapen en te ontspannen, help je jezelf om je fit en energiek te blijven voelen. Een gezonde leefstijl is altijd al van belang – maar in deze periode van je leven heb je er nog eens extra baat bij!

Mindset

Je mindset maakt veel verschil. Zie je de overgang als het einde van je jong voelen? Of kun je er ook met andere ogen naar kijken – het zien als een nieuwe start? Het goede nieuws hierbij: de natuur helpt je een handje. In de overgang vinden er niet alleen lichamelijke maar ook mentale veranderingen plaats. Door de verminderde oestrogeenproductie krijgen veel vrouwen in de overgang minder behoefte om te ‘zorgen’. In plaats daarvan krijgen vrouwen meer behoefte om ruimte te maken voor zichzelf. Ze ontdekken beter wat ze willen. Kortom, de overgang geeft je ook de kans om meer jezelf te worden, rustiger en wijzer. Dat helpt je om sterker en gelukkiger uit de overgang te komen!

Check je overgangsklachten:

  • Opvliegers, nachtzweten
  • Hartkloppingen
  • De menstruatie verandert: wordt heftiger of juist milder, of de frequentie verandert (NB: geboortebeperking in de vorm van de pil of een spiraaltje geeft geen natuurlijke menstruatiecyclus. Dat maakt het lastiger om overgangssignalen waar te nemen)
  • Urineverlies
  • Sneller geïrriteerd/emotioneel
  • Vergeetachtigheid, concentratieproblemen
  • Vermoeidheid, lusteloosheid
  • Droge slijmvliezen (vagina, ogen, etc.)
  • Pijn in spieren en gewrichten
  • Slaapproblemen

De eerste signalen van de overgang zijn meestal veranderingen in je gebruikelijke menstruatiepatroon. Maar ook opvliegers en nachtzweten laten je weten dat de overgang ingezet is. Herken je veel klachten uit het lijstje? Blijf rustig op het moment dat een klacht je overvalt, en besef: “Het gaat over”. Een gezonde leefstijl helpt je om je klachten te verminderen. Heb je echt veel last, ga dan naar de huisarts of een Care for Women-consulent. Je bent niet de enige!

Geplaatst op Geef een reactie

Als, dan, WANT

Er is bij leefstijlcoaching een nuttig hulpmiddel met een onmogelijke naam: de implementatie-intentie. Tip 1: gebruik dat woord niet. Als je het regelmatig gebruikt, ga je nog denken dat mensen snappen wat het is als je het zegt. 😉

Wat is het dan? Het is een zinnetje: “Als x gebeurt, doe ik y.”
Bijvoorbeeld: “Als ik lunchpauze heb op dinsdag, ga ik een blokje om lopen buiten.”
Of: “Als ik ‘s avonds zin in zoetigheid krijg, vraag ik me eerst af of ik misschien moe ben en dat het daar door komt.”

Het mooie hiervan is, dat je een concrete actie kiest en die koppelt aan een situatie. Voorheen deed je automatisch iets in die situatie, wat je eigenlijk niet wilt doen. Nu kies je om wat anders te doen en dat ga je oefenen.

Ik zou een kleine verbetering willen aanbrengen in het als-dan zinnetje. Een aanvulling eigenlijk: “want…”. Je nieuwe gedrag zal de eerste tijd namelijk moeite kosten. Het is nog geen gewoonte en je moet je oude gewoonte ermee overwinnen. Dan helpt het enorm als je weet waarvoor je het doet. Daar kan je jezelf aan herinneren:
“Als ik lunchpauze heb op dinsdag, ga ik een blokje om lopen buiten, want ik vind het fijn om fris de middag in te gaan.” Of misschien zit het wel zo: “Als ik lunchpauze heb op dinsdag, ga ik een blokje om lopen buiten, want ik wil fit zijn voor onze wandelvakantie.” Of nog iets heel anders.

Weet je niet goed wat je reden is? Dan kan je daar beter eerst over nadenken. Zonder stevige motivatie lukt het vaak niet om een nieuwe gewoonte te trainen. En afspraken met jezelf maken, waar je je niet aan houdt, kost je vertrouwen in jezelf – terwijl je dat nu juist wilt vergroten.

Geplaatst op Geef een reactie

In gesprek gaan over leefstijl

Stel dat je met iemand in gesprek wil gaan over zijn leefstijl. Bijvoorbeeld omdat het past bij je rol (als leidinggevende, POH’er, arts, verpleegkundige, leerkracht, wmo-consulent…). Hoe doe je dat dan? Liefst op zo’n manier dat de ander niet het gevoel krijgt dat je je met hem ‘bemoeit’, maar juist energie ervan krijgt?

Hier volgt een gespreksstructuur van Visiom met drie eenvoudige vragen:

  1. Wanneer voelde je je goed, de laatste tijd?
  2. Hoe kwam dat?
  3. Hoe zou je kunnen zorgen dat je je vaker zo goed voelt?

Deze opzet heeft verschillende gedragstheorieën en technieken als onderbouwing, waaronder de positieve psychologie, motivational interviewing en resultaatgericht coachen.

Is het echt zo simpel? Ja en nee. Ja, omdat je door het gebruiken van deze opbouw oneindig veel meer bereikt dan met ‘je moet echt meer…, want…’.

Nee, omdat je gesprekspartner geen voorgeprogrammeerde antwoorden geeft en dus een reactie kan geven die niet ‘in het stramien past’. Bijvoorbeeld:
“Wanneer voelde je je goed, de laatste tijd?” “Hoezo?”
“Wanneer voelde je je goed, de laatste tijd?” “Nooit.”
“Hoe kwam dat?” “Geen idee.”
“Hoe zou je kunnen zorgen dat je je vaker zo goed voelt?” “Ja, dan moet eerst mijn blessure weg zijn / mijn moeder weer beter zijn / mijn relatie weer hersteld zijn / mijn baas normaal doen / etc.”

Vandaar dat een goede leefstijlcoach inschakelen soms zinvol is. En dat we binnen de Visiom Academie trainingen Samen Focussen op Leefstijl geven.
Maar de basis van een goed gesprek over dagelijkse gewoontes en lekker in je vel zitten, bestaat uit deze vragen. En iedereen kan daar zijn voordeel mee doen. Hoe meer je oefent, hoe leuker en beter de gesprekken worden.

Geplaatst op Geef een reactie

Hormonen: de verkeersregelaars van je lichaam

Hormonen regelen alles in je lichaam. Ze kunnen bij alles wat er moet gebeuren ‘gas geven’ en ‘remmen’. En daarmee kunnen ze je lichaam ook instructie geven om zoveel mogelijk energie te verbranden of juist zo min mogelijk.

Wanneer je te weinig ontspant (of erger nog: chronische stress hebt), dan neemt  je hormoonsysteem maatregelen om jou te laten ‘overleven’: het gaat energie sparen, laat je zo min mogelijk bewegen en stimuleert je om snelle energie te eten of drinken. Intussen ga je ook zoveel mogelijk dingen op de automatische piloot doen, want dat spaart nog wat extra energie. Alle energie die je overhoudt wordt zoveel mogelijk opgeslagen in vet. Ook als je hetzelfde blijft eten sla je dus meer vet op!

Geplaatst op Geef een reactie

Wat is voedzaam eten?

Eten met waardevolle voedingsstoffen

De eenvoudigste ezelsbrug bij het kiezen van eten is: ‘hoe minder met het eten gebeurd is sinds het oogsten of slachten van de grondstoffen, des te meer voeding zit er nog in’.

Daarbij zijn de hoofdlijnen veruit het belangrijkst. Urenlang denken over de vraag of diepvriesgroente nemen nou beter of slechter is dan verse groente, is niet zo zinvol. Meer groente bij je maaltijden eten wel. En je zorgen maken omdat er een E-nummer op de verpakking van je rosbief staat is niet zo zinvol, maar een worstproduct met een lange lijst ingrediënten vervangen door rosbief wel.

Wat je hierbij doet, is gaan zoeken naar eten dat je voedt. Dat is een andere insteek dan eten zoeken waar je niet dik van wordt. In dat laatste geval loop je het risico dat je te weinig voeding binnenkrijgt en alleen maar meer zin in eten of eetbuien krijgt. Nog afgezien van het feit dat je je minder fit en vrolijk gaat voelen!

Als je de slag te pakken hebt met voedzaam eten kiezen, rest je nog maar één stap: zoveel mogelijk variëren. Een rode paprika is heel voedzaam, maar bevat niet alle mogelijke stoffen. Daarvoor zul je ook andere kleuren paprika’s moeten kiezen (gele of groene). En andere groentes (wortels, tomaten, spruitjes…). En producten uit andere voedselgroepen. Bijvoorbeeld fruit, eieren, noten, volkoren granen, zaden, vette vis, wat vlees.

Voeding is een van de belangrijkste gespreksonderwerpen als het om afvallen gaat. Hoe zorg je dat je de juiste aandachtspunten kiest? Wat in ieder geval helpt, is je concentreren op de belangrijkste basisprincipes:

  • Het draait niet om afzien, maar om goed voor jezelf zorgen. Je eet als je honger hebt en stopt met eten als je genoeg hebt.
  • Je brengt regelmaat in je eetpatroon: je plant maaltijden met een logische afstand en zorgt dat je dan iets goeds te eten bij de hand hebt. Tip: de meeste mensen krijgen ongeveer 3,5 tot 4 uur na hun vorige maaltijd weer honger. Heb je dan eten geregeld?
  • Als je eet of drinkt, doe je dat met je volle aandacht.

Lekkere dingen eet je bij uitzondering: maximaal één keer per dag iets eten of drinken wat je eigenlijk niet voedt en wat je alleen voor de smaak neemt. Je neemt maximaal één handje of één glas en je zorgt dat het echt de moeite waard is.

Geplaatst op Geef een reactie

Is bewegen een basisbehoefte van de mens?

Op die vraag kan je met ‘ja’ en met ‘nee’ antwoorden en beide antwoorden zijn belangrijk. Hoe zit dat precies?

In je brein zit een gedeelte dat de biologische basisbehoeftes reguleert: je hersenstam. Die slaat alarm als je te weinig zuurstof, water, voedsel, slaap of contact hebt. De eerste drie snapt iedereen al snel: zonder die dingen overleef je maar kort. Voor slaap geldt hetzelfde – je kan zelfs langer zonder eten dan zonder slaap! En dan is er nog contact: in ons eentje zijn we als mensen erg kwetsbaar en bovendien moeten mensen zich voortplanten om als soort te overleven.

De drang om te bewegen zit niet in je hersenstam. Op basis daarvan kan je zeggen: nee, bewegen is geen biologische basisbehoefte zoals eten of ademhalen. Sterker nog: we zijn van nature geneigd om alleen te bewegen als het écht nodig is. We willen energie sparen, want je weet maar nooit of je later vandaag of morgen nog te eten hebt.

Dat wil zeggen, vroeger wist je dat maar nooit. Tegenwoordig is er in ons gedeelte van de wereld erg veel aanbod van voedsel (brandstof) dus die neiging om energie te sparen en stil te gaan zitten pakt niet zo goed uit. Vooral niet, omdat er voor veel mensen zelden of nooit meer een noodzaak is om te bewegen. De meeste bezigheden kan je uitvoeren vanaf een stoel of bank.

Nu gaan er twee dingen tegelijk mis: 1. Je houdt energie over (die opgeslagen kan worden als extra lichaamsvet – je wordt dikker) en 2. Je lichaam raakt steeds verder uit conditie. Je hoofd raakt overbelast en je hebt steeds minder (sterke) spieren, botten en pezen. Je hart en longen zijn ook niet meer getraind om goed zuurstof binnen te halen, want ze worden niet uitgedaagd.

En daar heb je het andere antwoord: ja, bewegen is een basisbehoefte voor iedereen die fit en in balans wil zijn. Vroeger was er een noodzaak om te bewegen omdat je daarmee voor je voedsel of je veiligheid moest zorgen. Nu is er een nieuwe noodzaak: je moet bewegen om je geestelijk en lichamelijk fit en sterk te voelen (zodat je het leven kan hebben dat je graag wilt).

Geplaatst op Geef een reactie

Duurzame inzetbaarheidsuren in het onderwijs – hoe gebruik je ze slim?

duurzame inzetbaarheidsuren coachingOnze huidige maatschappij vol prikkels vraagt veel van mensen. Mensen die in het onderwijs werken, ervaren dat vaak nog meer dan gemiddeld. Je moet er écht zijn voor de leerlingen (steeds grotere groepen, en met steeds meer diverse behoeftes), de regeldruk wordt er niet minder op en uiteraard wil het team ook dat je deelneemt aan alles wat er geïnitieerd wordt. Dat vergt nogal wat van je. Het is niet voor niets dat het ziekteverzuim in het onderwijs hoger is dan in andere sectoren. Maar ook als je (nog) niet ziek bent, kan een te hoge werkdruk je leven een stuk minder aangenaam maken. Vermoeidheid, hoofdpijn, somberheid, prikkelbaarheid… Het is de moeite waard om dat te voorkómen.

Ter ondersteuning is er in het onderwijs de regeling duurzame inzetbaarheid. Er is een basisbudget van 40 uren per jaar, die je mag inzetten voor activiteiten die je helpen gezond aan het werk te blijven tot je de AOW leeftijd bereikt. Denk bijvoorbeeld aan studietijd, coaching of een stage. Voor startende leraren en leerkrachten vanaf 57 jaar gelden aanvullende uren. Antwoorden op veelgestelde vragen vind je hier.

Je spreekt voorafgaand aan het schooljaar met je leidinggevende af hoe je je duurzame inzetbaarheidsuren (DIU) inzet. Na afloop van het schooljaar leg je er ook weer verantwoording over af. De een vindt het gemakkelijker om een goede besteding van de uren te bedenken, dan de ander. Hoe zorg je dat deze tijd echt bijdraagt aan je geestelijke en lichamelijke veerkracht? Dat je er energie van krijgt, waar je even mee vooruit kan? Hier volgen tips en voorbeelden.

Mensen worden rustig van buiten zijn, liefst in de natuur.
Veel in een lokaal gezeten of gestaan? Dan kan buiten bewegen voor herstel zorgen. Als je dit gericht en structureel inzet, werk je aan je inzetbaarheid.

Een ander overziet beter wat er gebeurt, dan jij zelf.
Met behulp van een goede coach heb je sneller zicht op wat er bij jou speelt en je krijgt een stok achter de deur om dingen te verbeteren. Ook een goed gekozen collega zou zo’n rol kunnen vervullen, gesteld dat je onderling goede afspraken maakt over verwachtingen en aanpak. Plan je een traject met coach, dan is dat een prima invulling van DIU.

Je ontwikkelen verloopt sneller en beter, als je uitgaat van je kracht en je talenten.
Kies dus voor scholing, coaching of activiteiten waar je je eigen sterke punten voelt en leert kennen. Niet voor iets wat ‘moet’ omdat je ‘tekortschiet’. Als iets niet goed gaat, moet je dat uiteraard niet negeren. Maar de oplossing zit in wat je kan, niet in je zwaktes. Een scholing die verplicht voelt en waar je tegenop ziet, is vaak niet een bron van energie. Eentje waarbij je alles uit jezelf kan halen en tot bloei komt, wél.

Mensen krijgen energie van iets nieuws leren.
Dat je het beste kan uitgaan van je eigen kracht, wil niet zeggen dat je je hele leven hetzelfde trucje moet blijven herhalen. Je vermogens zijn veelzijdiger en diepgaander dan je in je dagelijks leven merkt. Wat heb je altijd willen doen of kunnen? Binnen je DIU kan je je daar in storten.

Mensen hebben af en toe een pas op de plaats nodig.
Ben je daar niet zo goed in, even tot jezelf komen ‘in het niets’? Kijk eens of je het gericht kan oefenen. Ook een cursus mindfulness of je verdiepen in meditatie- of yogatechnieken kan een invulling geven van je DIU.

Mensen worden gelukkig van echt contact met anderen.
Hoe vaak praat je met iemand over jezelf, of over de ander? Maar dan echt, dus niet een standaard praatje of een gesprek over de inhoud van werk of bezigheden? Als dat er zelden van komt, kan het goed zijn om er ruimte voor te vinden. Dit kan een invulling zijn van DIU, gesteld dat je goed onderbouwt wat je wilt doen, hoe en waarom.

En dan nog een algemeen principe over ontspanning dat je kan helpen:
Mensen herstellen als ze overschakelen naar een ander soort activiteit.

Wil je bijkomen van je werk, kies dan niet voor meer-van-hetzelfde (weer met kinderen of andere mensen bezig zijn of weer achter een beeldscherm, terwijl je dat de hele dag al hebt gedaan) maar juist voor iets anders. Lopen in plaats van zitten, muziek luisteren in plaats van nadenken, een boek lezen in plaats van voor iedereen zorgen, enzovoort.
Je hoeft niet te ‘niksen’ om te herstellen, als je maar echt iets anders doet. Maak hier vooral gebruik van bij het invullen van je pauzes en je vrije tijd.

De basisprincipes die je terugziet in deze tips: vind je kracht en je energie in je DIU en zorg dat ze je herstel bieden, ook structureel.

We hopen dat we nog lang plezier mogen hebben van jouw bijdrage aan de ontwikkeling van mensen. En dat je er zelf ook nog lang plezier in mag houden. Wil je contact met een van onze coaches om je work-life skills te versterken? Je vindt de coaches van Visiom hier.